Empathie - Wikiwand
For faster navigation, this Iframe is preloading the Wikiwand page for Empathie.

Empathie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Empathie (Grieks: ἐμπάθεια, invoelen) is inlevingsvermogen, het vermogen om zich in te leven in de situatie en gevoelens van anderen.

Algemeen

Zich kunnen verplaatsen in anderen draagt bij aan het kunnen begrijpen van emoties van anderen en aan communicatie. Empathie steunt ook op goed 'lezen' of verstaan van verbale en non-verbale communicatie van anderen. Empathie is niet hetzelfde als altruïsme. Een gevoel of beleving van empathie wordt automatisch opgeroepen, en kan een voedingsbodem zijn voor altruïstisch gedrag, zoals het bieden van hulp. Maar altruïsme is een keuzeproces.[1] Empathie omvat zowel een cognitieve als een affectieve component.[2]

Psychologische achtergrond

Empathie en persoonlijkheid

Empathie wordt soms gezien als een individuele vaardigheid of persoonlijkheidseigenschap die belangrijk is in de omgang met mensen. Het empathisch vermogen speelt een hoofdrol bij emotionele intelligentie.[3]

Empathie en ontwikkeling

Empathie is een eigenschap die ingebed is in de emotionele en cognitieve ontwikkeling van individuen. Onderzoek toont aan dat empathie zich rond de kleuterleeftijd ontwikkelt. Peuters kunnen bijvoorbeeld anderen troosten op die jonge leeftijd. Ook kunnen peuters vanaf die leeftijd spelletjes spelen waarmee ze iemand anders kunnen foppen. Deze vaardigheden vereisen dat het kind weet wat anderen geloven, zodat de peuter dit kan manipuleren.[4]

Hebben dieren empathie?

Het herkennen van uitingen van angst, woede en pijn bij andere dieren lijkt vanuit evolutionair standpunt een belangrijke voorwaarde voor de aanpassing van een dier aan zijn omgeving en dus ook zijn overlevingskansen. Mensapen als chimpansees vertonen soms een sterke onderlinge competitie en ook gewelddadig gedrag, maar blijken ook gevoelig voor het leed van soortgenoten. Onderzoek naar mensapen als chimpansees suggereert dat ook bij dieren empathisch gedrag voorkomt in de vorm van elkaar troosten en herkenning van gelaatsexpressies[5] Er werd ook een vorm van empathisch gedrag bij ratten vastgesteld.[6] Ook zelfherkenning van dieren in de spiegelproef wordt gezien als een teken van inlevingsvermogen bij dieren.[7] Olifanten komen vaak terug op de plek waar een familielid is gestorven. Zij herkennen hun familieleden door de uitstekende reuk die ze bezitten. Ze kunnen elkaar ruiken tot op een afstand van vijf kilometer.

Empathie en autisme

Uit onderzoek blijkt dat niet alle mensen in staat zijn om de emoties van anderen te bemerken op eenzelfde niveau. Zo werd autisme vaak gekarakteriseerd door een verminderd vermogen tot empathie voor een andere persoon.[8] Recenter onderzoek toont echter aan dat mensen met autisme mogelijkerwijs niet een tekort maar een overschot aan empathisch vermogen hebben waardoor de hersenen zich hierdoor onbewust afsluiten van al die interacties (om overprikkeling van emoties en informatie te vermijden). Er is nog veel meer onderzoek nodig om te concluderen wat er anders gaat in de informatieverwerking op het vlak van empathie. Hierbij zouden spiegelneuronen een aantal aanwijzingen kunnen geven.

De mogelijke verschillen in de informatieverwerking op het vlak van empathie houden niet in dat mensen met autisme geen gevoelens voor anderen kunnen ontwikkelen.

Empathie en schizofrenie

Een lage empathie lijkt mensen ook kwetsbaar te maken voor psychose en schizofrenie.[2]

Empathie en gedragsstoornissen

Een gebrek aan empathie kan samenhangen met de eigenschap alexithymie. Gebrek aan empathie zou ten slotte ook gelden voor mensen met een psychopathische stoornis. Deze zijn in veel gevallen in staat het zo te laten lijken alsof ze zich bewust zijn van de emoties van anderen, waarbij zij soms overtuigend zorg of vriendschap tonen. Zij kunnen deze vaardigheid gebruiken om te charmeren of om te manipuleren, maar deze personen missen de cruciale gevoelens van sympathie of compassie, waar empathie vaak toe leidt.

Empathie en therapie

Empathie is een van de kerncondities van de hulpverlening.

Empathie en simulatietheorie

Empathie is het vermogen zich in anderen te verplaatsen. Simulatietheorie gaat uit van de veronderstelling dat louter het waarnemen van gedrag en bijvoorbeeld de emotionele expressies van anderen, dezelfde mechanismen in de hersenen activeert die gebruikt worden om het eigen gedrag en emoties te produceren.[9] Volgens deze theorie is het vermogen zich in anderen te verplaatsen dus een uitvloeisel van perceptie van andermans gedrag en niet zozeer een specifiek invoelend vermogen. De ontdekking van spiegelneuronen in de hersenen kan gezien worden als een bevestiging van de simulatietheorie. Aanhangers van de simulatietheorie menen dat deze ook gebruikt kan worden om verschijnselen die vallen onder theory of mind te verklaren.

Kritiek

Er is ook kritiek op de overwaardering die emotionele empathie ten deel valt. Een bekende criticus is Paul Bloom.[10][11] Hij stelt onder andere dat empathie partijdig is, omdat we meer empathie ervaren met mensen die meer op ons lijken. Empathische mensen voelen sterk mee met wat een ander voelt. Dat is niet zonder meer een voordeel, want het kan die mensen ook emotioneel uitputten. Daardoor zijn ze minder goed in staat om de ander te helpen. Bij bepaalde beroepsgroepen, bijvoorbeeld artsen, is enige distantie juist wenselijk. Ook in het algemeen werkt het beter als een helper niet dezelfde paniek voelt als een slachtoffer. Jordan, Amir en Bloom maken onderscheid tussen empathie en bezorgdheid ('concern').[12] Bezorgdheid blijkt een betere indicator van sociaal gedrag ('pro social action') dan empathie, terwijl het een wijd verspreid idee is een grotere rol aan empathie toe te schrijven.

Zie ook

{{bottomLinkPreText}} {{bottomLinkText}}
Empathie
Listen to this article