Ecosocialisme - Wikiwand
For faster navigation, this Iframe is preloading the Wikiwand page for Ecosocialisme.

Ecosocialisme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ecosocialisme of groen socialisme is een ideologie binnen het socialisme die elementen van het marxisme, ecologisme en andersglobalisme combineert. Ecosocialisten beschouwen het kapitalistische systeem als de oorzaak van armoede, oorlog, milieuproblematiek en klimaatverandering. Ecosocialisten staan voor de ontmanteling van kapitalistische economieën en repressieve staten en structuren, door middel van een socialisatie van de productiemiddelen en het herstellen en oprichten van commons.[1]

Geschiedenis

Vanaf de negentiende eeuw zijn er verschillende pogingen geweest om ecologisch bewustzijn te creëren binnen bestaande socialistische partijen. Een bekende voorstander van een ecologisch socialisme was de Engelse ontwerper William Morris, die het verdwijnen van de natuur ten gunste van de industrialisatie bekritiseerde en pleitte voor een gezondere, natuurlijke leefomgeving voor de verstedelijkte arbeidersklasse. Ook in de vroege twintigste eeuw in het jonge Sovjet-Rusland pleitten natuurwetenschappers en -beschermers voor een ecologisch bewustzijn binnen het bolsjewisme. Aanjagers van dit bewustzijn waren onder andere de bolsjewistische wetenschapper Aleksandr Bogdanov en de Prolekult-beweging. Voorstanders van een beperkte impact op de natuur werden later geroyeerd uit de Communistische Partij, waarna de natuurwetenschap in Stalins Sovjet-Unie verviel in een politiek gemotiveerde pseudowetenschap onder leiding van staatsbioloog Trofim Lysenko.[2]

Het streven naar een meer natuurbewust socialisme was bij Morris en Bogdanov samengegaan met een streven naar een gezondere arbeiderscultuur. De eerste tekenen van een massabeweging die dit doel nastreefde, zijn te vinden in het Oostenrijkse socialisme. In 1895 te Wenen ontstond uit de austromarxistische SDAPÖ De Natuurvrienden, een organisatie die ernaar streefde het bergachtige natuurschoon van Oostenrijk te ontsluiten voor de arbeidersklasse. Educatie over natuur en buitencultuur stond hierbij centraal alsmede het organiseren van recreatie- en reismogelijkheden. Vanuit Oostenrijk verspreidde de beweging zich door Europa en kreeg in 1924 een Nederlandse zusterorganisatie, het Instituut voor Arbeiders-Ontwikkeling, heden bekend als het Nivon. Na de Tweede Wereldoorlog werd bewust de keuze gemaakt de socialistische inspiratie een minder invloedrijke rol te geven binnen de organisatie en sindsdien hebben afdelingen van de Internationale Natuurvrienden doorgaans een politiek neutraal, sociaal oogmerk.[3] Alhoewel deze organisaties oorspronkelijk streefden naar bewustzijn over de natuur en een leven met de natuur, bleef de natuur in dienst staan van de sociale doelen van de organisaties.

In de jaren vijftig tot zeventig ontstonden er nieuwe bewegingen die expliciet het kapitalisme aanwezen als de grootste bedreiging voor de natuur. Het voorgestelde socialisme zou niet alleen sociale bevrijding brengen, maar ook de natuur beschermen. In Nederland werden de Politieke Partij Radikalen (PPR) en de Pacifistisch Socialistische Partij (PSP) opgericht, die ook wortels hadden in de antikernenergiebeweging en de pacifistische beweging, alsmede in het libertair socialisme, dat zich afzette tegen het socialisme van de Sovjet-Unie.[4]

Aan het einde van de twintigste eeuw creëerden de versnellende opwarming van de Aarde en de daaruit voortvloeiende heropleving van het ecofascisme een hernieuwde interesse voor ecosocialistische politiek. Dit heeft geresulteerd in een nieuwe, bredere analyse van het hedendaagse kapitalisme, gebaseerd op marxistische, ecologische, anti-imperialistische en antifascistische theorieën. Ecosocialisten vormen momenteel een minderheid in verschillende socialistische, sociaaldemocratische en communistische partijen. GroenLinks, de partij waarin de PPR en PSP zijn opgegaan, heeft echter haar socialistische wortels in de liberale jaren 90 en 00 verruild voor een groene politiek die in de buurt komt van een groen linksliberalisme.[5] Politieke partij BIJ1 ambieert het achtergebleven gat van een groene socialistische partij in Nederland te vullen. In haar verkiezingsprogramma voor de Tweede Kamerverkiezingen 2021 worden een democratische economie, arbeiderszelfbestuur, het herstel van biodiversiteit en ecosystemen en een broeikasuitstoot van nul in 2030 voorgesteld. In het voorwoord van het programma wordt reeds het kapitalisme aangewezen als het verantwoordelijke systeem voor de uitbuiting van mens, dier, natuur en klimaat.[6]

Ideologie

Ecosocialisten bekritiseren huidige en historische vormen van groene politiek en socialisme. Liberale vormen van groene politiek worden bekritiseerd omdat deze een oneindige groei nastreven op een eindige planeet en omdat deze veel energie steken in de recycling van producten in tegenstelling tot het bevorderen van het gebruik van groene alternatieven. Ook keuren ecosocialisten de subsidiëring van schijngroene luxeproducten als elektrische auto's af. Oudere vormen van socialisme worden bekritiseerd, bovenal maoïstische en stalinistische stromingen en andere vormen van bureaucratisch staatssocialisme, die historisch weinig aandacht hebben gegeven aan biodiversiteit en het behoud van ecosystemen.

Ecosocialisme peilt voor het herstellen en het oprichting van commons als alternatief voor privaat bezit van basisproductiemiddelen. Ecosocialisten streven socialiseerde productiemiddelen na, waarbij het gemeenschappelijk bezit wordt gekenmerkt door een vrije vereniging van producenten.[1]

Ecologie en Marx

Alhoewel veel ecosocialisten voortbouwen op het werk van Karl Marx, is de plek die de natuur, het klimaat en ecologie hebben binnen dit werk onderwerp van discussie binnen het ecosocialisme. Sommige lezers van Marx schrijven hem een productivistische visie toe, waarbij Marx de natuur vooral zou hebben gezien als een middel dat de mensheid kon dienen, en weinig opzichzelfstaande waarde had.[7] Andere lezers wijzen echter op verschillende uitspraken van Marx die dit tegen te spreken.[8][9][10] In Het Kapitaal wijst Marx de overheersing van de natuur door de mens af.[11] In hetzelfde hoofdstuk schrijft hij:

"Zelfs een hele samenleving, een natie, ja alle contemporaine samenlevingen, zijn geen eigenaars van de wereld. Ze zijn alleen bezitters van de aarde, vruchtgebruikers, en moeten die als boni patres familias [goede familievaders] aan de volgende generaties verbeterd achterlaten".[11]

Noten

  1. a b (en) Joel Kovel; Michael Löwy, An ecosocialist manifesto (2001). Geraadpleegd op 16 januari 2021.
  2. Gare, A., Soviet Environmentalism: The Path Not Taken, in Benton, E. (ed.) The Greening of Marxism, 1996
  3. (nl) H. de Vos, Geschiedenis van het socialisme in Nederland in het kader van zijn tijd: deel 2. Het Wereldvenster (1976), pp. 37.
  4. (nl) Paul Lucardie; Gerrit Voerman, Van de straat naar de staat? GroenLinks 1990-2010. Boom (2010), 17, 20, 24. ISBN 978 94 6105 360 2.
  5. (nl) Paul Lucardie; Gerrit Voerman, Van de straat naar de staat? GroenLinks 1990-2010. Boom (2010), 122-124, 149, 168-170. ISBN 978 94 6105 360 2.
  6. (nl) Programmacommissie BIJ1, Programma 2021. BIJ1 (2020), 25-27, 65-67.
  7. Kovel, J., The Enemy of Nature, 2002.
  8. Benton, T. (ed.), The Greening of Marxism, 1996 (New York: Guildford)
  9. Foster, J. B., Marx's Ecology, 2000 (New York: Monthly Review Press)
  10. Burkett, P., Marx and Nature, 1999 (New York: St. Martin's Press)
  11. a b (nl) Karl Marx, Het Kapitaal, boek 3 (1894), “46: Bouwrente. Mijnbouwrente. Grondprijs”.

Zie ook

{{bottomLinkPreText}} {{bottomLinkText}}
Ecosocialisme
Listen to this article